zondag 10 juli 2016

Colombiaans verjaardagsfeestje: veel suiker, versiering en luide muziek

Sinds ik in Colombia woon, heb ik al een aantal verjaardagsfeestjes meegemaakt. Dit weekend vergezelde ik mijn vriendin op het feestje van haar neefje dat 1 jaar werd.

Als er één ding is dat me opvalt, dan is het dat Colombianen de nadruk leggen op het creëren van een feestsfeer. De jarige heeft m.a.w. echt het gevoel dat er iets gevierd wordt. Dit doet men door veelvuldig gebruik van slingers, confetti, ballonnen, verjaardagstoeters, -hoedjes en schuim spray. In mijn kindertijd werden er ook wel slingers en ballonnen gehangen, maar hier in Colombia gebeurt het vrijwel elke keer, ook bij volwassenen.

Ook typisch is de taart, waarbij de focus eerder ligt op de vorm en felle kleuren dan op verfijnde smaak en gezonde ingrediënten. Vaak laat men een taart op maat maken op maat van de jarige, bijvoorbeeld in de kleuren van zijn favoriete voetbalploeg of in de vorm van een vrouwenkont. Onder de kleurige lappen zit meestal een zoete cake.

Voorbeeld typische Colombiaanse verjaardagstaart.

De taart van het feest.

Rond de taart ligt er vaak nog een weelde van zoetigheid, en er wordt volop frisdrank gedronken (ook de allerkleinsten, wat eigenlijk niet gezond is voor hen). Ik heb de indruk dat Colombiaanse frisdranken een zeer hoog suikergehalte hebben.


Verloop van het feestje

Naast mij knalt er muziek uit een stereo-installatie. Colombianen draaien graag de volumeknop volledig open.

Na het eten is het tijd voor kinderspelletjes. Eerst worden ze geblinddoekt, en moeten na een paar keer rond hun as draaien een gezicht op de juiste plaats in de een afbeelding proberen te plakken. Degene die het meest accuraat plakt wint een prijs. Ook de volwassenen zijn betrokken. De andere familie roept valse aanwijzingen (ja daar! daar!) en er wordt hevig gediscussieerd.


Daarna de piñata. Om te beurt knuppelen de kinderen lustig op een Mario-pop. Bij het openscheuren van de pop vliegen die kleintjes als ratten op de grond om snoep en allerlei speelgoedjes toe te eigenen. In een mum van tijd is alles weg.


Ten slotte is het tijd voor taart en cadeautjes voor de jarige. Na de pakjes mag iedereen om te beurt op de foto met de jarige. Dat is hier de gewoonte. Eerst de peter en meter natuurlijk. In Colombia zijn de peter en meter in de meeste gevallen een koppel.

Zo'n Colombiaanse feestje bijwonen is toch wel een unieke ervaring, vanwege het entertainmentgehalte. 

zondag 3 juli 2016

De Caribische kust van Colombia: Cartagena, Barranquilla en Santa Marta

Wie de noordkust van Colombia bezoekt, komt waarschijnlijk in Cartagena, Barranquilla en/of Santa Marta.

Cartagena en Santa Marta trekken de meeste toeristen: Cartagena vanwege het koloniaal stadscentrum, Santa Marta vanwege het nabijgelegen natuurpark Tayrona en La Ciudad Perdida. Barranquilla is meer een industriële stad, en met meer dan 1,2 miljoen inwoners de grootste kuststad van Colombia.


Colombianen zijn allemaal zeer vrolijk, maar van de Costeños zeggen de Colombianen zelf dat ze het meest opgewekte volk zijn. Ze zijn ook nog iets relaxter in tijdsopvatting. 

Qua uiterlijk zijn Costeños verschillend t.o.v. andere delen van Colombia: veel mensen hebben hier zwarte roots. 

Mr. Black a.k.a. El Presidente de la Champeta

Ik vind Mister Black, bekend van het lied El Serrucho, een goed voorbeeld van de typische Costeño look. Champeta en Vallenato zijn de twee meest populaire muziekstijlen in Caribische regio van Colombia.   

Voor een buitenlander zijn de Costeños soms wat moeilijker te verstaan, ze spreken o.a. de ‘s’ niet altijd uit.


Cartagena

De mooiste stad van Colombia. Het kleurig historisch stadscentrum wordt omringd door een indrukwekkende 4 km lange omwalling waar vroeger nog veel meer kanonnen moeten gestaan hebben, om de stad te beschermen tegen piraten en andere vijanden die uit waren op het goud dat vanuit Cartagena naar Spanje werd verscheept. 

Vroeger kwam de zee tot tegen de omwalling.

Castillo de San Felipe de Barajas, het grootste fort van Zuid-Amerika, is een geweldig staaltje architectuur met binnenin een complex gangensysteem.



Barranquilla

De geboortestad van Shakira en Sofía Vergara is stoffig, onverzorgd en monotoon, en heeft geen echte bezienswaardigheden. Het beste aan Barranquilla zijn de mensen, die zeer warm en joviaal in omgang zijn, en Carnaval, het belangrijkste feest van het jaar.


Telkens als ik in Barranquilla was, was het heet en vochtig. Gelukkig hebben vrijwel alle taxi’s hier airco, anders zouden ze geen klanten hebben.

Een bezoekwaardige plek in Barranquilla is Bocas de Ceniza, een landtong tussen de monding van de Magdalena Rivier en de Caribische Zee.



Santa Marta

Ook gekend als La Perla del Caribe. Geen grote stad, maar wat deze regio interessant maakt zijn de nabije bergen en jungle. In de buurt Parque de Los Novios, het centrum van Santa Marta, kan je ’s avonds gezellig rondstruinen. 

Parque de Los Novios

Het properste strand in de buurt van de stad is El Rodadero, waar je ook ’s nachts kan zwemmen (in Cartagena mag je ’s avonds niet meer zwemmen). De mooiste stranden liggen in het natuurpark Tayrona. Over mijn wandelroute in Tayrona schreef ik eerder al een artikel.

Voor een goed feestje moet je in het weekend naar het hostel La Brisa Loca gaan. Over het dakterras waait regelmatig een heerlijk verfrissend windje.

Dakterras La Brisa Loca

maandag 20 juni 2016

Apartadó, de bananenhoofdstad van Colombia

Met 35.425 hectare plantage is Urabá de grootste bananenregio van Colombia. Op nummer twee staat de bananenzone nabij Santa Marta.

Na vertrek vanuit Bogota maak ik een tussenlanding in het centrum van Medellin. Best wel spectaculair, omdat het toestel een grote bocht in de vallei maakt en daarbij weinig foutmarge heeft. 


In de kleine luchthaven Olaya Herrera word ik omsingeld door de zonnige heuvels van Medellin. Je kan hier zo de landingsbaan oplopen. Na enkele uren stijgt het propellervliegtuig weer op.


Na een 45 minuten vliegen zie ik Apartadó liggen. 


In Carepa land je letterlijk tussen de bananenplantages.  



Van daaruit neem ik de bus naar Apartadó. Wat ze zeggen over de regio is waar: de mensen zijn hier heel vriendelijk en joviaal.

Het warme en vochtige klimaat is ideaal voor de kweek. Bananen hebben veel zon en water nodig.

’s Avonds wandel ik naar Parque Ortiz, de Zona Rosa of uitgaansbuurt. Hier ontmoet ik per toeval één van de klanten die ik de volgende dag zal bezoeken. We besluiten samen iets te eten.

Wanneer ik vraag over de cultuur van deze regio, zegt hij dat er niet zo veel cultuur is: de mensen houden van “trago en rumba”, oftewel drank en feestjes (muziek: reggaeton, vallenato).

Iets verder toont hij me een brug, waar ik leguanen in de bomen zie slapen. De rivier die onder ons stroomt is volgens hem sterk vervuild. Hij vertelt ook dat de watertoevoer en elektriciteit regelmatig wegvallen in Apartadó. 

Wat later nemen we afscheid, en hij raadt me aan niet te veel rond te dwalen, want als je hier beroofd wordt is het met een machete, het werktuig dat gebruikt wordt om bananentrossen los te kappen.

De receptioniste van het hotel vertelde me over de Cuevas, de Urabaes en de Kunas, de inheemse bevolking rond de golf van Uraba, het geweld dat dit gebied vroeger stigmatiseerde, en de specialiteiten die ze hier met banaan maken zoals bananenkoekjes en gedroogde bananenstukjes omhuld met chocolade.

's Nachts brengen de waaiers de nodige verkoeling, want het is erg zwoel.




Een van de volgende dagen krijg ik de kans een bananenplantage te bezoeken. Bananen worden het heel jaar door geoogst. Sproeien gebeurt hier met vliegtuigjes.


De meeste kleine producenten werken samen met een exporteur. Het gros van de bananen vertrekt van hieruit naar Europa, een kleiner deel gaat naar de V.S. Er is geen kaai om de bananen te laden. De bananen worden op vlotten geladen, en via rivieren naar de zee vervoerd, waar ze worden verscheept.

Veel boten vertrekken hier naar de haven van Antwerpen. In de lokale krant lees ik dat er een lading van 9 ton cocaïne onderschept werd.

Een groot deel van de bevolking werkt hier op de bananenplantages. Het is zwaar werk. Een hele bananentros weegt 30 tot 50 kilo. Doorheen de bananenplantages lopen veel irrigatiekanalen, waarin je gemakkelijk kan uitschuiven.


De laatste dag heb ik even de tijd om het strand van Turbo te zien. Een groot verschil met Apartadó is dat hier voornamelijk zwarten wonen. In Turbo zitten ook veel vluchtelingen uit o.a. Cuba die via Colombia naar de V.S. proberen te reizen.

Op de grens van Colombia en Panama ligt de Darién, een moeilijk begaanbaar gebied, bestaande uit jungle en rivieren, met routes die gebruikt worden door rebellen om cocaïne te smokkelen en inheemse gemeenschappen. Het is onmogelijk om met de auto van Colombia naar Panama te reizen.

Vanuit Turbo is het 8 uur varen met een bootje naar Panama, vertelt een oude man met een karretje en zelfgemaakte limonade. Terwijl ik over de golf van Urabá tuur, in deze uithoek van Colombia, bedenk ik me dat Colombia een enorm divers land is, dat me steeds blijft intrigeren.



dinsdag 31 mei 2016

Interessante weetjes over Colombia

>Colombia heeft de grootste biodiversiteit per vierkante meter ter wereld.

>De grote steden van Colombia liggen grotendeels in het Andesgebergte. Het beperkte wegennetwerk tussen steden veroorzaakt vele logistieke problemen. Vele regio's in het zuiden zijn alleen per vliegtuig bereikbaar.

>Als je aan Colombianen vraagt waar ze ooit graag eens naartoe willen gaan, zeggen ze vaak Parijs. Dat staat voor hen symbool voor beschaving en ontwikkeling.

>Colombianen spreken het mooiste Spaans van Latijns-Amerika. Vooral het accent uit het departement Antioquia (acento Paisa) is aangenaam om naar te luisteren. 

>Colombia heeft een rijk pallet van fruitsoorten die in Europa niet te koop zijn zoals lulo, pitaya, boomtomaat, guava, goudbes, ... Er wordt een onderscheid gemaakt tussen ‘plátanos’ en ‘bananas’. Plátanos zijn veel groter dan bananas, en worden gebakken of gefrituurd omdat ze rauw niet lekker zijn.

Plátanos
 
>Wanneer je bier bestelt vraagt men soms of je michelada wilt. Dan serveert men het bier op een bodem van limoensap met een dikke rand zout op het glas. Vele Colombianen vinden het lekker, maar ik vind de zoute smaak gecombineerd met bier afschuwelijk.


>Colombianen eten veel vlees en vooral kip. Rundvlees wordt vaak iets te veel doorbakken voorgeschoteld.


Colombianen eten graag kip met handschoenen.

>Veel voedingswaren die bij ons in glazen potten of brik verpakt worden, zoals ketchup, confituur of melk, worden in Colombia in plastieken zakjes verpakt. Dit gebeurt om de kosten in het ‘armere’ Colombia te drukken.



>Als je zelf geen GSM hebt kan je in Colombia bij een straatstandje betalen om met een GSM te bellen die vast hangt aan een kettinkje. Eén minuut kost 150 pesos of 6 eurocent.


>Veel Colombianen hebben nooit leren zwemmen. In verhouding tot het aantal inwoners zijn er ook niet veel zwembaden.

>Colombia heeft het meeste aantal officiële feestdagen ter wereld, 20 per jaar.

>In Colombia is de werksfeer veel amicaler als in Europa. Een verjaardag op het werk wordt uitbundig gevierd met eieren op het hoofd van de jarige kapotslaan, confetti, ballonnen, slingers en taart.

>Colombianen gebruiken veel overbodige administratieve processen en papieren documenten.

>Vaak is het moeilijk om iets snel gedaan te krijgen in Colombia. Als je bijvoorbeeld iets vraagt aan een collega moet je niet verwachten dat die persoon het direct gaat doen, eerder na enkele uren, dagen of weken.

>Colombianen houden van vulgaire en seksueel getinte humor.


>In Colombia bestaat er een subtiel gebaar om aan anderen duidelijk te maken dat er een zakkenroller in de buurt is: Met je vingers over je wang of jukbeen krabben. Zeer handig als je samengepropt in een bus staat.

>Colombianen zijn erg religieus. Velen maken een kruisteken wanneer ze in de bus voorbij een kerk passeren.

>Veel Colombianen zijn bijgelovig. Op nieuwjaar is het de gewoonte om met een lege valies rond het huis te lopen, om veel te kunnen reizen. Om 12 uur eet men 12 druiven, om 12 wensen te kunnen doen. Voor financiële voorspoed, steekt men linzen in de broekzak.

Bucaramanga, La Cuidad Bonita?

Afgelopen week was ik in Bucaramanga, de hoofdstad van het departement Santander. Welke eerste indruk heeft deze plek op me achtergelaten?


Bucaramanga oogt moderner als een gemiddelde Colombiaanse stad, en heeft vele netjes onderhouden parken, en fraaie shopping malls. 


Van een stad die de naam ‘De Mooie Stad’ draagt had ik echter meer verwacht. Colombianen vinden vaak mooi wat modern is. De mooiste stad van Colombia is Cartagena, vanwege haar koloniaal stadscentrum.

Centro Comercial Cacique

Bucaramanga is niet zo divers als Cali, Bogota, Medellin en Cartagena. Om te wonen lijkt me het iets te saai. Maar de stad oogt proper, heeft weinig zichtbare armoede en de luchtkwaliteit en het weer zijn beter dan in Bogota.

Het landschap rondom Bucaramanga bestaat uit heuvels en ruwe kloven met droge vegetatie. 



Men zegt dat de Santanderanen een sterk accent hebben, dat niet zo mooi klinkt als andere Colombiaanse accenten. Een andere bijzonderheid uit Santander is dat men er reuzenmieren verkoopt voor menselijke consumptie.


maandag 30 mei 2016

Hoe neem je een taxi in Bogota zonder opgelicht te worden?

Taxichauffeur in Bogota. Het moet een frustrerend beroep zijn door de onophoudelijke files. Vele dromen er dan ook van een huisje op het platteland te hebben.


Het loon van een taxichauffeur is karig. De meerderheid zal proberen elke rit iets meer aan te rekenen dan de officiële tarieven. Zeker als je een Europees uiterlijk hebt.

Vaak stelt men mij de vraag hoe lang ik al in Colombia ben. Lees: ben ik een makkelijk slachtoffer om af te zetten?

De meeste taxi's zijn klein, zodat ze makkelijk niet-koosjere manoeuvres kunnen uitvoeren in verkeersopstoppingen.

Graag geef ik enkele waardevolle tips mee, die ik in mijn ervaring met het nemen van honderden taxi’s in Bogota heb opgebouwd:


Een taxi tegenhouden of bellen?

In vele media beweert men dat het veiliger is om er één te bellen. In praktijk zal je dan vaak langer mogen wachten. Ik houd altijd willekeurige taxi’s tegen op straat, en heb daar nog nooit een veiligheidsprobleem mee gehad. Ik bel alleen taxi’s als ik op een plek ben waar geen taxi’s voorbij rijden.


De prijs

Achteraan de zetel moet altijd een prijskaart hangen. Als die er niet hangt kan je er achter vragen. Daar staan nummers op met prijzen. Kijk naar het nummer op de taximeter en vervolgens op de kaart welk bedrag met dat nummer overeenkomt.


Als hij een extra nacht-, zondag- of feestdagtarief aanrekent, controleer dan op de kaart of hij het juiste tarief aanrekent.

Als je de prijzen niet controleert op de kaart gaat hij gegarandeerd er een paar duizend peso’s bovenop aanrekenen. Vaak bestudeer ik tijdens de rit even ostentatief de kaart, zodat de chauffeur doorheeft dat ik het systeem ken.


De kortste weg

Een omweg nemen is een ook een vaak gebruikte truuk. Anderzijds weet men vaak de kortste weg niet. Ik merkte op dat men vaak een andere weg nam van de luchthaven naar mijn appartement. Daarom gebruik ik meestal een GPS-systeem (bvb. Google Maps) op mijn smart phone om de chauffeur de richting aan te geven.  


Laat je geen blaasjes wijsmaken

Een keer zei de chauffeur dat er een religieuze optocht plaatsvond in het centrum waardoor hij een andere weg moest nemen. Die omweg bleek hem erg gunstig, want wat normaal een rit van 10 minuten moest zijn werd een halfuur. Achteraf bleek uit navraag dat er helemaal geen optocht had plaatsgevonden. Dat onze bestemming gesloten was had hij ook niet gezegd, maar dat kan ik nog wel begrijpen.

Iemand zei me eens: als een Colombiaan je niet in het zak heeft gezet, dan is hij het vergeten. Deze stelling is m.i. wat eenzijdig, want Colombianen zijn erg gastvrij en delen graag wat ze hebben, maar er zit wel een zekere kern van waarheid in.

zondag 15 mei 2016

Wandelen in Bogota: Quebrada La Vieja

De bekendste wandeling vanuit Bogota is de bedevaartsroute naar het heilgdom Monserrate. Dat biedt vanop 3152 m het mooiste uitzicht over Bogota.

Monserrate

Een minder bekende route - voor velen een verborgen juweeltje - is Quebrada La Vieja. 

Het beginpunt van deze wandeling ligt in Calle 71 #1-45. Het eindpunt is een houten kruis op de top van een berg. Een alternatieve route loopt naar een Mariabeeldje.

Het uitzicht vanop de top is minder spectaculair als Monserrate, maar de route is veel mooier en natuurlijker. Ongelooflijk dat je zo dicht bij de stad in een oase van rust en zuivere lucht kan vertoeven.


Het pad begint langs een ondergronds riviertje dat je een tijd lang blijft volgen. Na een tijdje wandelen verandert het loofbos in een naaldbos, tot je in een meer open berglandschap terechtkomt. In een goed tempo is het één uur wandelen tot het kruis.


Onderweg staan er een 30tal politieagenten, om te vermijden dat mensen beroofd worden.

Hoewel vele Bogotanen deze route niet kennen, is ze zeker niet onbekend. In het weekend is het er tamelijk druk. Op weekdagen is er véél minder volk.

Belangrijk om te weten is dat je maar tot 9 uur binnen mag. Te laat komen is niet binnen. Als je tot het kruis wil wandelen kan je best om 7u30 beginnen, want vanaf een bepaald tijdstip wandelen de politieagenten naar beneden en moeten de wandelaars mee afdalen.


We waren zo’n 25 minuten van de top verwijderd, en waren vastberaden om naar de top te gaan. Tot grote frustratie moesten we terugkeren van de groep agenten. 

Daarom zijn we iets voorop van de groep agenten terug gelopen en hebben ons verstopt in de bosjes tot de agenten voorbij waren. 

Het voordeel was dat we hierdoor alleen in de natuur waren. We waren niet zeker of wel terug buiten zouden geraken, maar uiteindelijk was dat geen probleem. Er waren nog enkele andere achtergebleven wandelaars.


Onderweg zijn er enkele zijpaden die naar verschillende plaatsen leiden (o.a. Monserrate), maar dat wordt afgeraden zonder gids en bewaking. Voor de ontdekker biedt deze route dus heel wat mogelijkheden...